Sinterklaasverhaal om voor te lezen

Het paard ziet sneeuw

Vanaf 3 jaar ± 4 minuten voorlezen

In Spanje is het bijna altijd zonnig. De zon schijnt op de huizen, op de bomen en op de stal van het paard van Sinterklaas. Daarom had het paard nog nooit sneeuw gezien. Nog nooit. Niet één vlokje.

Elk jaar reisde het paard met de Sint mee naar ons land. Dan was het hier koud en nat en grijs. Het waaide en het regende. Maar sneeuw? Nee. Sneeuw had hij nog nooit gezien.

Op een avond, toen de Sint en zijn paard bij ons op bezoek waren, werd het heel stil buiten. Zo stil dat je bijna niets meer hoorde. Het paard sliep in zijn warme stal, op een dik bed van stro. En buiten, in het donker, begon er iets te dwarrelen.

De volgende ochtend deed Sinterklaas de staldeur open. Kriiiek. "Goedemorgen, mijn vriend," zei hij. "Kom maar eens kijken."

Het paard stapte naar buiten. En toen bleef hij stokstijf staan.

Alles was wit. De straten waren wit. De daken waren wit. De auto's waren wit. De bomen hadden witte mutsjes op. Zelfs de brievenbus had een wit hoedje. Het paard keek naar links. Wit. Hij keek naar rechts. Wit. Hij snoof eens. De lucht rook fris en koud, een beetje zoals een ijsje.

Toen dwarrelde er een vlokje naar beneden. Heel langzaam. Heen en weer, heen en weer. En het landde... precies op zijn neus.

Het paard keek ernaar met scheve ogen. Wat was dat nu? Het vlokje was koud. Het kriebelde. En toen smolt het. Het paard trok zijn neus op en nieste. "Prrrt!"

Sinterklaas lachte. "Gezondheid!"

Er kwam nog een vlokje. Dat landde op zijn oor. Het paard schudde zijn hoofd. En nog een vlokje. Dat landde op zijn rug. En nog een. En nog een. Er kwamen er zoveel dat je ze niet meer kon tellen.

Toen begon het paard te huppelen. Hij zette een stap in de sneeuw. Krak, zei de sneeuw. Hij zette nog een stap. Krak, krak. Hij keek achterom. Daar stonden zijn hoefjes, keurig in de sneeuw. Dat vond hij prachtig.

Hij draafde een rondje. En nog een rondje. En nog een rondje. Krak, krak, krak. Overal kwamen hoefsporen. In cirkels en in bochten en in kronkels. Het paard gooide zijn hoofd in de lucht en hinnikte van plezier.

En toen deed hij iets wat niemand had verwacht. Hij liet zich op zijn rug vallen. Plof! Hij rolde heen en weer, met zijn vier benen in de lucht. Net als een kind dat een sneeuwengel maakt.

Sinterklaas stond in de deuropening, met zijn handen op zijn buik, en lachte. "Wel, wel," zei hij. "Je bent net een veulentje."

Een paar Pieten kwamen naar buiten om te kijken. "Kijk eens!" riep Hoofdpiet. "Het paard speelt in de sneeuw!"

Even later kwamen er ook kinderen uit de straat. Ze hadden dikke wanten aan en warme sjaals om. Hun wangen waren rood van de kou. "Mogen we meespelen?" vroeg een jongen.

"Natuurlijk," zei de Sint.

Samen rolden ze een grote bal sneeuw. Rol, rol, rol. Dat werd de buik. Toen een kleinere bal. Rol, rol. Dat werd het hoofd. Ze maakten een sneeuwpaard. Met twee takjes als oren. Met twee steentjes als ogen. En met een lange oranje wortel als neus.

"Hij lijkt precies op jou," zei een meisje tegen het echte paard.

Het echte paard kwam dichterbij. Hij snuffelde aan het sneeuwpaard. Aan de oren. Aan de ogen. En aan de neus. Snuf, snuf. Toen deed hij zijn mond open en... hap! Hij at de wortel op. Knars, knars, knars.

De kinderen gierden het uit. "Hij heeft de neus opgegeten!"

Die avond gingen alle kinderen moe en blij naar huis. Het paard ging terug naar zijn stal. Sinterklaas legde een extra deken over hem heen. "Slaap lekker, mijn sneeuwvriend," zei hij zacht.

De volgende ochtend stond het sneeuwpaard er nog. Zonder neus. Maar rondom het sneeuwpaard stonden overal hoefsporen. Heel veel hoefsporen. Precies in een cirkel. Alsof iemand de hele nacht een dansje had gedaan.

Vragen om na te praten

  1. Wat zou jij als eerste doen als je wakker wordt en alles buiten is wit?
  2. Hoe denk je dat het voelt als er een sneeuwvlokje op je neus valt?
  3. Wie zou er 's nachts rond het sneeuwpaard gedanst hebben, denk je?
← Alle 30 Sinterklaasverhalen