Sinterklaasverhaal om voor te lezen

Een cadeautje voor de Sint

Vanaf 5 jaar ± 5 minuten voorlezen

Zoë zat aan de keukentafel en dacht diep na. Ze had haar kin op haar handen gelegd, en haar wenkbrauwen stonden helemaal naar beneden. Zo dacht ze altijd na, als het iets heel belangrijks was.

"Mama," zei ze. "Sinterklaas geeft elk jaar cadeautjes aan alle kinderen. Aan alle kinderen in het hele land."

"Dat klopt," zei mama. Ze roerde in de soep.

"Maar wie geeft er eigenlijk een cadeautje aan Sinterklaas?"

Mama hield op met roeren. Ze dacht na. Ze dacht nog eens na. "Ik weet het eigenlijk niet," zei ze. "Misschien niemand."

Zoë fronste. Dat vond ze niet eerlijk. Helemaal niet eerlijk. Iemand die altijd geeft, moet toch ook eens iets krijgen?

Ze schoof haar stoel naar achteren. Ze haalde haar stiften uit de kast. En een groot vel papier. En de schaar. En de lijmpot. En het potje met gouden glitters, waar ze eigenlijk alleen bij speciale gelegenheden aan mocht komen.

"Dit is een speciale gelegenheid," zei Zoë.

Mama glimlachte. "Dat lijkt me ook."

Eerst knipte Zoë een hart uit rood papier. Knip, knip, knip. Het werd een beetje scheef aan de ene kant. Ze knipte er nog een stukje af. Nu was de andere kant scheef. Ze knipte nog een stukje af. Toen was het hart een stuk kleiner dan eerst. Maar wel recht.

Daarna deed ze lijm op het hart. Heel veel lijm. En ze strooide er gouden glitters op. Een beetje. En nog een beetje. En toen schoot het potje uit haar hand.

Pfoemf!

Er lagen glitters op het hart. Er lagen glitters op de tafel. Er lagen glitters op de vloer. En er lagen glitters op de neus van de kat, die net kwam kijken wat er aan de hand was. De kat nieste. Het glitterde nog meer.

Zoë keek naar de rommel. Haar onderlip begon te trillen. "Nu is alles verpest," zei ze zacht.

Mama kwam naast haar zitten. Ze keek naar het hart. Het schitterde en het glinsterde, aan alle kanten. "Verpest?" zei mama. "Zoë, dit is het meest glinsterende hart dat ik ooit gezien heb. Dat ziet Sinterklaas zelfs in het donker."

Zoë keek nog eens. Mama had gelijk. Het hart schitterde als een sterretje.

Toen pakte ze haar stiften. In het midden van het hart tekende ze de Sint. Op zijn paard. Met een grote glimlach. Het paard kreeg ook een glimlach. Dat vond Zoë wel zo eerlijk.

Eronder schreef ze, met de hulp van mama, letter voor letter:

*Voor Sinterklaas.
Dankjewel voor alles.
Nu krijg jij ook eens iets.*

Ze plakte het hart op een kaart en vouwde hem heel netjes dubbel. Ze streek de vouw glad met haar duim. Een, twee keer. Zo.

Die avond zette Zoë haar schoen. Maar ze legde er geen tekening met wensen in, zoals andere keren. Alleen de kaart. En een wortel voor het paard, natuurlijk. Die mocht niet vergeten worden.

Diezelfde nacht reed Sinterklaas over de daken. Het was koud en helder. De maan scheen zo fel dat de daken zilver leken. De Pieten deden hun werk, huis na huis, schoen na schoen.

Bij het huis van Zoë kwam een Piet terug met de kaart in zijn hand. "Sinterklaas," fluisterde hij. "Deze lag in een schoen. Hij is voor u."

Sinterklaas nam de kaart aan. Hij vouwde hem open. Het hart schitterde in het maanlicht. Hij las de woorden. Eén keer. Twee keer. Drie keer.

Hij bleef er een hele tijd naar kijken, daar op het dak, in het maanlicht. De Piet zag dat de Sint met zijn mouw iets uit zijn ooghoek veegde.

"Gaat het, Sinterklaas?" vroeg de Piet zacht.

"Het gaat heel goed," zei de Sint. Zijn stem klonk een beetje schor. "Ik ben alleen een beetje ontroerd. Weet je, ik krijg bijna nooit iets."

Hij stopte de kaart voorzichtig onder zijn mantel. Vlak bij zijn hart.

De volgende ochtend lag er in de schoen van Zoë een klein pakje. En een briefje, in sierlijke letters:

*Lieve Zoë,
ik krijg bijna nooit iets.
Jouw kaart is het mooiste cadeau dat ik dit jaar kreeg.
Ik hang hem naast mijn bed, zodat ik hem elke ochtend zie.
Sinterklaas*

Zoë las het briefje wel tien keer. Toen rende ze ermee naar mama. Op het briefje zat, heel klein, een gouden glittertje.

Zoë heeft dat briefje nog steeds. Het hangt naast háár bed.

Vragen om na te praten

  1. Wat zou jij aan Sinterklaas willen geven als je hem een cadeautje mocht geven?
  2. Waarom denk je dat de Sint zo blij was met een zelfgemaakte kaart?
  3. Hoe voelt het voor jou om iets te geven aan iemand anders?
← Alle 30 Sinterklaasverhalen